0
0
0
s2sdefault

Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) heeft de Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM) onder verscherpt toezicht gesteld. De NAM heeft de inspectiedienst jarenlang niet op de hoogte gesteld van mogelijke problemen met een put in Twente waar productiewater vanuit de oliewinning wordt geïnjecteerd, terwijl dit wel wettelijk verplicht is. Dat kwam aan het licht na een scheur in een buitenbuis.

Het verscherpte toezicht is gisteren met onmiddellijke ingang in werking getreden en geldt voor alle activiteiten van de NAM rondom de injectie van productiewater dat afkomstig is van de oliewinning in de Drentse plaats Schoonebeek. SodM heeft ook het Openbaar Ministerie (OM) gevraagd om een onderzoek. Die kijkt vanuit strafrechtelijk oogpunt naar de zaak.

De bal werd aan het rollen gebracht toen de NAM in februari een scheur in de buitenbuis van waterinjectieput ROW-2 constateerde en dat aan SodM meldde. Deze put ligt met nog een aantal andere putten in het voormalige gasveld Rossum-Weerselo in de Twentse gemeente Dinkelland. Dagelijks worden hier miljoenen liters afvalwater geïnjecteerd. Het water komt via een ondergrondse leiding uit Schoonebeek.

Geen tijdige actie van de NAM
Tijdens het onderzoek van SodM naar het incident bleek dat NAM al in 2017 weet had van mogelijke problemen bij ROW-2. In augustus van dat jaar was de druk in de ruimte tussen binnen- en buitenbuis kortstondig weggevallen. Dat kan nadelige gevolgen hebben voor de integriteit van de injectieput. De NAM lichtte SodM pas in maart 2021 in over de drukdaling.

Daarmee heeft de NAM zich niet aan zijn wettelijke plicht gehouden. Pieter van den Bergen, directeur Toezicht bij Staatstoezicht op de Mijnen, zegt hierover op de eigen site: “Activiteiten in de diepe ondergrond zijn niet zonder risico’s. Daarom is het zo belangrijk dat de NAM de monitoring op orde heeft, en zo goed mogelijk begrijpt wat zich in de diepe ondergrond heeft afgespeeld. Dat de NAM geen actie heeft ondernomen na de eerste signalen in 2017, vinden wij kwalijk. Bovendien stellen wij vast dat er nog veel onzekerheid is over de exacte toedracht.”

Van den Bergen laat weten dat het verscherpte toezicht pas wordt ingetrokken, als SodM ervan overtuigd is dat de NAM de risico’s van waterinjectie in de diepe ondergrond afdoende beheerst. Volgens de inspectiedienst zijn er momenteel echter geen aanwijzingen dat er zich gevaarlijke situaties hebben voorgedaan bij ROW-2 of dreigen plaats te vinden bij de andere injectieputten.

Ook nabijgelegen put stilgelegd
SodM vindt verder dat de NAM onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de oorzaak van de scheur in de buitenbuis van ROW-2. Ook was het monitoringsprogramma van het bedrijf niet in staat om schade aan de put tijdig op te sporen. Dit vormt volgens de toezichthouder vooral een risico voor de nabijgelegen put ROW-7. Daarom is deze put tijdelijk stilgelegd, net als eerder ROW-2.

De Nederlandse Aardolie Maatschappij laat in een reactie weten dat het bedrijf “uiteraard” de aanbevelingen van SodM opvolgt. Daarom is ROW-7 direct buiten bedrijf gesteld. “Daarmee doen we ook recht aan de vragen uit de omgeving over deze waterinjectielocatie. We zullen ROW-7 pas weer in gebruik nemen nadat SodM hier goedkeuring voor heeft verleend.” De NAM gaat op verzoek van de inspectiedienst ook de monitoring van de andere actieve waterinjectieputten intensiveren.

Het is niet het eerste incident met de waterinjectie in Twente, nadat de oliewinning in Schoonebeek in 2011 – na vijftien jaar eerder te zijn gestopt – weer is opgestart. Omwonenden zijn volgens een bericht in dagblad Tubantia verbijsterd en overwegen een formele aangifte bij het OM. Zij vrezen dat vervuild water in de bodem terechtkomt. De vereniging van waterbedrijven Vewin wijst op de risico’s van afvalwaterinjectie bij olie- en gaswinning. Dit zou in ieder geval moeten worden uitgesloten in alle gebieden die belangrijk zijn voor de drinkwaterwinning.

MEER INFORMATIE
SodM over het verscherpte toezicht
Reactie van NAM op de maatregel
NAM over waterinjectie in Twente en Drenthe
Vewin over afvalwaterinjectie olie- en gaswinning

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Ik verbaas me over deze suggestie. Mij komt het voorstel van Hans Middendorp over als een motie van wantrouwen naar de kiezers en naar de huidige gekozenen in de waterschappen. Een door de kiezers uit verschillende lijsten gekozen bestuur vertegenwoordigt toch per definitie de maatschappelijke belangen? Verstroping van de besluitvorming door een adviescommissie in te voeren die uit vertegenwoordigers van allerlei belangengroepen bestaat, levert geen meerwaarde.
Het is aan het ambtelijk apparaat en de bestuurders van het waterschap om, net zoals bij een gemeente of provincie, de verschillende maatschappelijke belangen bij de voorbereiding en de besluitvorming te betrekken. Daartoe zal men met al die belangengroepen contacten onderhouden, zoals nu ook al gebeurt. Maar dat is iets anders dan elke keer verplicht advies te moeten vragen. De door mij om zijn deskundigheid gewaardeerde AWP zou dit voorstel echt nog eens moeten heroverwegen.
Groet, Piet Oudega (HHNK, PvdA)
Hallo Hans, hele goede gedachte. Ik denk dat de geborgde zetels door hun sterke eigenbelang zorgen voor een veel te behoudend waterschap waar innovatie nauwelijks een kans krijgt. Daarbij weten ze het altijd zo te draaien dat de kosten niet eerlijk worden verdeeld en daarvan is de burger de dupe. Al met al denk ik dat een geheel gekozen bestuur sneller en beter tot besluitvorming kan komen en dat er een hoop bestuurlijke drukte kan worden voorkomen.
Een adviescommissie met alle belangengroepen is dan beter.
groet, Fokke
Dag Hans: ik deel je gedachtengang. Er is één nadeel. Het draagt weer bij aan de ‘bestuurlijke drukte’ waar we allemaal last van hebben. Ik vind de optie waarbij geborgden een kwaliteitszetel krijgen, met een maximum van drie per waterschap, daarom ook een aantrekkelijke optie.
Groet van Adriaan
Citaat: 'De Unie wijst erop dat de waterschappen komend jaar meer dan ooit tevoren investeren in veilige dijken en in schoon en voldoende water: 1,8 miljard euro.' Maar de Unie 'vergeet' te melden dat deze 1,8 miljard de opbrengst is van de Watersysteemheffing voor alle waterschappen samen. Dat is dus niet *extra* geld, maar reguliere financiering van droge voeten en schoon water. Het is mooi om dit geld voor de kerntaken van de waterschappen te labelen als een klimaatbeheer, maar er blijft dus extra geld nodig om, zoals de Unie stelt: "Er is wel extra rijksgeld voor decentrale overheden nodig om Nederland versneld aan te passen aan weersextremen."
Het pleidooi van VNG, IPO en Unie voor 1,8 miljard euro voor uitvoering van het Klimaatakkoord (2022-2024) is niet gehonoreerd. Maar als het Rijk de kosten voor klimaatadaptatie niet wil betalen, dan zit er voor de waterschappen niets anders op om naast de watersysteemheffing een aparte klimaatadaptatie-heffing in te voeren. Een heffing van 2 tientjes voor alle tien miljoen huishoudens in Nederland levert 200 miljoen per jaar op. Over drie jaar is dat 600 miljoen en dat is precies één-derde van het bedrag van 1,8 miljard dat VNG, IPO en Unie samen vragen. Zo eenvoudig kan het zijn.
Er wordt 6,7 miljard euro uitgetrokken voor klimaat en het deltaprogramma zoetwater krijgt 100 miljoen. Dat is dus ongeveer 1,5% van dit enorme bedrag. Verder is in 2018 besloten om het Deltafonds uit te breiden van het wegwerken van de achterstand in het onderhoud van dijken naar wateroverlast door klimaatverandering. En nu moet er volgens de deltacommissaris 800 miljoen bij. Wie kan dit balletje-balletje nog volgen? Volgens mij komt het deltaprogramma dus nog steeds structureel geld tekort. Enige journalistieke duiding is wel op z'n plaats!

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.