Onderzoeken en metingen naar poly- en perfluoralkylstoffen (PFAS) in de Westerschelde geven geen aanleiding om de ontpoldering van de Hedwigepolder uit te stellen. Natuur en gezondheid zijn niet in gevaar, waardoor het afgraven van de zeedijk weer kan worden hervat. Dat laat minister Christianne van der Wal-Zeggelink voor Natuur en Stikstof weten in een brief aan de Tweede Kamer. Eb en vloed keren mogelijk eind september, begin oktober terug.

Daarmee kan de omstreden ontpoldering van de Hedwigepolder doorgaan, nadat de werkzaamheden onlangs tijdelijk waren stilgelegd. Door de ontpoldering en herinrichting van de Hedwigepolder en de aangrenzende Prosperpolder aan Vlaamse kant wordt een estuarien natuurgebied van 600 hectare gecreëerd. Dit geldt als een compensatie voor de natuurschade die in het verleden is veroorzaakt door de verdieping van de Westerschelde in verband met de bereikbaarheid van de Antwerpse haven.

Kamermeerderheid voor uitstel
Met haar brief reageert minister Christianne van der Wal-Zeggeling, mede namens minister Mark Harbers van Infrastructuur en Waterstaat, op een motie die de Tweede Kamer op 17 mei met een ruime meerderheid aannam. De indieners Sandra Beckerman (SP) en Kiki Dongen (D66) verzochten de regering om in overleg met de Vlaamse regering ervoor te zorgen dat het afgraven van de zeedijk van de Hedwigepolder pas wordt ingezet, nadat de resultaten van de lopende onderzoeken naar PFAS bekend zijn en vaststaat dat geen negatieve effecten optreden voor de natuurontwikkeling en een gezonde leefomgeving.

Ook de Provincie Zeeland en de gemeente Hulst pleitten voor uitstel. In de omgeving zijn grote zorgen over dat straks met PFAS en andere stoffen verontreinigd water van de Westerschelde het gebied van de Hedwigepolder binnenstroomt.

Van der Wal schrijft daarover: “Ik begrijp de gevoelens van onrust in de Zeeuwse samenleving en uw Kamer, en de uitdrukkelijke wens en zorg om de PFAS-gehaltes zo snel mogelijk terug te brengen. Met u zou ik willen dat dit van vandaag op morgen een feit zou kunnen zijn, maar helaas is dat niet mogelijk. Het kabinet spant zich maximaal in om te komen tot een schonere Westerschelde. Daarom heeft het kabinet een aantal onderzoeken laten doen naar effecten op natuurontwikkeling en een gezonde leefomgeving.”

De minister heeft bij haar besluit de resultaten van elf onderzoeken en metingen naar PFAS in de Westerschelde meegenomen. Op basis hiervan is volgens haar een afgewogen besluit mogelijk.

Dalende trend bij vervuiling
Van der Wal wijst in verband met de natuurontwikkeling erop dat in het verleden het besluit tot ontpoldering is genomen in de wetenschap dat de Westerschelde vervuild is met verschillende stoffen, waaronder perfluoroctaansulfonaten (PFOS, stoffen die behoren tot PFAS). “Uit de uitgevoerde metingen en onderzoeken blijkt de vervuiling vanaf 2018 te zijn afgenomen en is een dalende trend zichtbaar. De verwachting is dat, gezien de genomen en te nemen maatregelen ten aanzien van het lozen van PFAS, deze dalende trend zich voortzet.”

De bewindsvrouw noemt specifiek nog de meting van jong slib in de Hedwigepolder. De kwaliteit daarvan is beter dan die van oud slib. “De conclusie is dan ook dat op basis van de huidige onderzoeksresultaten de voorwaarden voor natuurontwikkeling gunstiger zijn dan bij eerdere besluitvorming afgewogen. Dat maakt onze inspanningen om verdere vermindering van vervuiling in de Westerschelde van PFAS en andere stoffen overigens niet minder urgent.”

Geen gezondheidseffecten verwacht
Wat betreft de effecten van PFAS op een gezonde leefomgeving verwijst de minister onder andere naar een onderzoek van het RIVM. Via de huid of door het inademen van waterdruppeltjes met PFAS worden mensen aan erg geringe concentraties blootgesteld. Hiervan zijn geen gezondheidseffecten te verwachten. In de ontpolderde Hedwigepolder mag niet worden gezwommen, gevist of drinkwater worden gewonnen. Daarom kunnen mensen niet via deze routes aan PFAS worden blootgesteld.

Minister Van der Wal komt op basis van de resultaten van de elf onderzoeken en metingen tot de eindconclusie dat er geen aanleiding is om de planning van de ontpoldering van de Hedwigepolder aan te passen. “Dit betekent dat de graafwerkzaamheden aan de zeedijk kunnen worden hervat.” Volgens de huidige planning keren eb en vloed eind september, begin oktober terug in de Hedwigepolder.

Aanvulling 24-6
Er liep ook nog een bezwaarprocedure bij de Raad van State waarvan de uitspraak op 23 juni is gedaan. De voormalige eigenaar Gery De Cloedt van de Hedwigepolder wilde per direct stopzetting van de ontpolderingswerkzaamheden, omdat door de verontreiniging met PFAS het doel van van natuurherstel niet zou worden gehaald. Dit bezwaar is afgewezen. Voor de Raad van State weegt het belang van waterveiligheid zwaar. Zonder ontpoldering dreigt het water van de Westerschelde ongecontroleerd de polder binnen te lopen, omdat de dijken langs de Vlaamse Prosperpolder al aanzienlijk zijn verlaagd. Ook wordt erop gewezen dat volgens onderzoeken de verontreiniging een beperkt risico oplevert. Het is volgens de Raad van State niet aannemelijk dat het hierdoor onmogelijk is om estuariene natuur te realiseren.

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Het kan soms even duren voor je reactie online komt. We controleren ze namelijk eerst even.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

De zeespiegelstijging is onder de 20 cm per eeuw.
Er is geen reden aan te nemen dat hier een versnelling in gaande is. Artikel lijkt iets verergering te suggereren. Dat lijkt dan dus niet zo.
Oprukkend zout blijft daarmee een belangrijk aandachtspunt, geen reden tot paniek.
Dries Buitenwerf Eindelijk, het d-woord viel
Watertekort: In Nederland is het de gewoonte om water altijd vanaf oppervlakte te infiltreren in de bodem, nu weten we als we altijd een richting door een filter gaan dat dit filter dichtslaat en we steeds minder water via deze route naar het diepere grondwater zullen stromen. Als we willen voorkomen dat het diepere zoete grondwater vervolgens door zeewater wordt aangevuld zullen we dus in Oost Nederland het grondwater van onderaf moeten aanvullen cq ipv 100 m boven afpomphoogte infiltreren op 100 m onder afpomp hoogte in moeten pompen. Water dat onder druk op deze diepte (boven het zoute grondwater) wordt toegevoerd zal geen verstopping creëren en zout water wegdrukken. De weg naar boven gaat heel traag omdat het water afhankelijk van de soortelijke massa verschillen meest horizontaal zal bewegen. Als er vervolgens 100 m hoger water wordt opgepompt, zal er minder zeewater naar binnen worden getrokken.
STELLING: We zijn veel te laat, lopen achter de feiten aan en de klimaatverandering komt echt op stoom. Waar halen we de mankracht vandaan om er wat aan te doen? Op naar Duitsland.
In een interessant artikel in The Guardian wordt het succes gedeeld van onder andere De Grensmaas:
https://www.theguardian.com/environment/2022/sep/20/dutch-rewilding-project-turns-back-the-clock-500-years-aoe
Wat opvalt is de lange termijn waarin dat project zich afspeelt: de planfase begon in 1990.
Nu zijn de grenzen van ons watersysteem bereikt. Maar niet alleen van het water systeem: de biodiversiteit staat onder druk, overal speelt milieuvervuiling: in de lucht, de bodem, het water en de het diepere grondwater. Er zit een grote energietransitie aan te komen en er wordt geroepen om een systeemverandering (het werkelijke probleem is onze engineerings-maatschappij). Daarnaast staan alle sectoren te spingen om mensen: de grenzen zijn bereik van wat in Nederland uitgevoerd kan worden.
Op de achtergrond speelt de exponentiele ontwikkeling van de klimaat verandering: hitte, droogte, extreme neerslag, stormen en extreem weer: ze worden heftiger, talrijker en duren langer. Zo komt ook onze voedselvoorziening (en die van de gehele wereld) onder druk.
Een hybride giga crisis dreigt: alles klapt in een keer om. Zoals een helder meertje in een keer troebel wordt, a la migraine aanval. https://www.delta.tudelft.nl/article/spinoza-winnaars-gaan-migraine-te-lijf
We wisten in 1972 - met het uitkomen van het rapport: Grenzen aan de Groei (MIT - Club van Rome) - dat het deze kant uit zou gaan. We zitten precies op het voorspelde scenario.
Dat betekent voor ons Deltalandje: houd sterk rekening met plan D.
Zowel voor mitigatie (bovenstrooms investeren en voorkomen) als voor de meerslaagse veiligheid liggen veel van de toekomst scenario's buiten Nederland... in Duitsland. Daar ligt een deel van onze onvoorkoombare toekomst.
Nederland kan geen zeespiegelstijging voorblijven. De Waddenzee verdrinkt bij meer dan 3mm/jr. Hoe graag we dat ook zouden willen. Dat beeld moet nu eens duidelijk worden. We zijn kwetsbaar, we blijven kwetsbaar en we worden steeds kwetsbaarder. En we hebben niet de menskracht om te 'dweilen'.
Dat betekent bv: stop de Zuid-plaspolder. Het geeft een compleet verkeerd beeld en een vals signaal van veiligheid.
https://www.waterforum.net/geen-land-ter-wereld-zou-onder-9-meter-nap-bouwen/
Voorkomen is beter dan niet te genezen: maar we zijn 50 jaar te laat om klimaatverandering te voorkomen. De klimaatverandering is een feit. Multi-stress de norm. Het gaat nu voor NEDERland om de vraag waarop we inzetten voor 2100: Ik stel: op naar hoger Nederland en richting Duitsland.
Plaatje: Eindhoven was vroeger een bloeiende badplaats - toneelstuk uit 1982 - toen was het gevoel van urgentie veel hoger dan nu.
https://theaterencyclopedie.nl/wiki/Eindhoven_was_vroeger_een_bloeiende_badplaats_-_Zuidelijk_Toneel_Globe_-_1982-02-06
Dit artikel presenteert resultaten gebaseerd op onderzoek dat van den Akker ruim vijf jaar geleden heeft gepubliceerd in Stromingen. Op zijn methodiek is destijds van diverse kanten inhoudelijke kritiek geleverd (Olsthoorn, 2014a,b,c; Leenen, 2014). Hieraan gaat hij nu volledig voorbij. Ook negeert hij dat zijn aanpak fysisch-wiskundig gezien aantoonbaar onjuist is (Zaadnoordijk, 2017) en ontkent hij het inzicht van de NHV-werkgroep Achtergrondverlaging (van Bakel e.a., 2017).

- Bakel, J. van, E. Querner, G. Rot, G. Schouten, N. Straathof, W. Vaarkamp, J.P. Witte, W.J. Zaadnoordijk (2017) Zicht op Achtergrondverlaging, rapport van de Werkgroep Achtergrondverlaging van de Nederlandse Hydrologische Vereniging, Wageningen, mei 2017.
- Leenen, H. (2014) Reactie op artikel "Tussen Theis en Hantush"van Cees van den Akker, Stromingen, 20, nummer 3, p.65-69.
- Olsthoorn, T. (2014a) De dynamica van de verlaging van Terwisscha of in vergelijkbare situaties, revisited, Stromingen, 20, nummer 1, p15-33.
- Olsthoorn, T. (2014b) Tussen De Glee en Dupuit, revisited, Stromingen, 20, nummer 1, p35-55.
- Olsthoorn, T. (2014c) De fysische onderbouwing van de overdrachtsfactor nader bekeken, Stromingen, 20, nummer 3, p.11-25
- Zaadnoordijk, W.J. (2017) Kanttekeningen bij gebruik van differentiaalvergelijking van v/d Akker, notitie 7 maart 2017, beschikbaar op: http://www.debakelsestroom.nl/kennisbank/attachment/memobijdiffvergvdakker_v4_opm-jvb-20-maart-2017/.

Willem Jan Zaadnoordijk, Flip Witte en Jan van Bakel
Vanmorgen Noorderzeedijk tussen Roptazijl en Harlingen. Bijna dagelijkse realiteit.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!