0
0
0
s2sdefault

Agrariërs en andere grondeigenaren in de gemeente Midden-Delfland kunnen op een nieuwe website bekijken welke maatregelen tegen bodemdaling op hun percelen mogelijk zijn, hoe effectief die zijn en hoe het zit met vergunningen. De gemeente, de provincie, LTO Noord en het Hoogheemraadschap van Delfland hebben hiervoor de handen ineengeslagen.

De Leidraad Bodemdaling Midden-Delfland, zoals de website heet, is bedacht aan de Landschapstafel Bijzonder Provinciaal Landschap Midden-Delfland. Genoemde partijen werken daarin samen om het cultuurhistorisch waardevolle landschap tussen de steden Delft, Den Haag en Rotterdam te behouden. Volgens hen gaat het om een uniek initiatief.

Ook in Midden-Delfland daalt de bodem als gevolg van veenoxidatie. Dat zorgt ook op andere manieren voor problemen: door droogtes ontstaan laagtes en holle percelen. De belangrijkste oorzaak van bodemdaling is het peilbeheer, waarbij het hoogheemraadschap water uit de polders pompt zodat de inwoners droge voeten houden en de bodem geschikt is voor de melkveehouderij.

Niet overal in het gebied daalt de bodem even sterk en zelfs per perceel kan die variëren, aldus de initiatiefnemers. Dat heeft te maken met de hoeveelheid veen in de bodem. Op plekken waar meer klei en zand zit, is er minder veenoxidatie en daalt de bodem dus minder hard dan in bijvoorbeeld het Groene Hart. Dat blijkt ook uit onderzoek van Deltares.

Maatwerk
Juist omdat de precieze bodemgesteldheid en de ligging van het perceel kritische factoren zijn, is de bestaande informatie over bodemdaling en de maatregelen daartegen vaak te algemeen, stellen de partijen.

De nieuwe leidraad, die is ontwikkeld door CLM Advies en Onderzoek, biedt maatwerk: grondeigenaren kunnen op perceelniveau inzoomen en bekijken welke maatregelen mogelijk effectief zijn. Ook staat aangegeven welke regelgeving (vergunning) erbij hoort.

"Boeren overwegen meestal onderwaterdrainage of ophoging van holle percelen. Maar er staan nog veel meer mogelijke maatregelen in ons document", zegt wethouder Sonja Smit van de gemeente Midden-Delfland. Andere voorbeelden zijn dynamisch peilbeheer, het stimuleren van bodemleven, diepe greppels en variatie in drooglegging.

Voorwaarden
De maatregelen komen uit het Nationaal Kennisprogramma Bodemdaling, maar niet allemaal zijn ze wenselijk in het gebied van Midden-Delfland of er zijn bepaalde voorwaarden aan verbonden. Die worden ook genoemd op de website. Overheden kunnen de leidraad ook gebruiken voor vergunningverlening.

Gisteren overhandigden melkveehouder Gertjan Hooijmans, hoogheemraad Manita Koop en wethouder Smit de leidraad symbolisch aan gedeputeerde Meindert Stolk, waarmee de website geopend was. Hoogheemraad Koop noemde het tegengaan van bodemdaling en de zorg voor een toekomstbestendig gebied "een gezamenlijke verantwoordelijkheid".

 

MEER INFORMATIE
Website Leidraad Bodemdaling Midden-Delfland
Onderzoek Deltares: Verkenning Bodemdaling Midden-Delfland

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.
  • This commment is unpublished.
    Hans Middendorp · 3 months ago
    Bij 'hulp voor boeren' denk je al gauw aan technische of financiële ondersteuning. Hier gaat het om een website met een overzicht van perceelsgegevens en een menukaart aan mogelijke maatregelen. Het is natuurlijk mooi dat die in formatie is gebundeld. Maar om dit nou "een uniek initiatief" te noemen? Hier had H2O wel iets kritischer kunnen doorvragen.
(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Ik verbaas me over deze suggestie. Mij komt het voorstel van Hans Middendorp over als een motie van wantrouwen naar de kiezers en naar de huidige gekozenen in de waterschappen. Een door de kiezers uit verschillende lijsten gekozen bestuur vertegenwoordigt toch per definitie de maatschappelijke belangen? Verstroping van de besluitvorming door een adviescommissie in te voeren die uit vertegenwoordigers van allerlei belangengroepen bestaat, levert geen meerwaarde.
Het is aan het ambtelijk apparaat en de bestuurders van het waterschap om, net zoals bij een gemeente of provincie, de verschillende maatschappelijke belangen bij de voorbereiding en de besluitvorming te betrekken. Daartoe zal men met al die belangengroepen contacten onderhouden, zoals nu ook al gebeurt. Maar dat is iets anders dan elke keer verplicht advies te moeten vragen. De door mij om zijn deskundigheid gewaardeerde AWP zou dit voorstel echt nog eens moeten heroverwegen.
Groet, Piet Oudega (HHNK, PvdA)
Hallo Hans, hele goede gedachte. Ik denk dat de geborgde zetels door hun sterke eigenbelang zorgen voor een veel te behoudend waterschap waar innovatie nauwelijks een kans krijgt. Daarbij weten ze het altijd zo te draaien dat de kosten niet eerlijk worden verdeeld en daarvan is de burger de dupe. Al met al denk ik dat een geheel gekozen bestuur sneller en beter tot besluitvorming kan komen en dat er een hoop bestuurlijke drukte kan worden voorkomen.
Een adviescommissie met alle belangengroepen is dan beter.
groet, Fokke
Dag Hans: ik deel je gedachtengang. Er is één nadeel. Het draagt weer bij aan de ‘bestuurlijke drukte’ waar we allemaal last van hebben. Ik vind de optie waarbij geborgden een kwaliteitszetel krijgen, met een maximum van drie per waterschap, daarom ook een aantrekkelijke optie.
Groet van Adriaan
Citaat: 'De Unie wijst erop dat de waterschappen komend jaar meer dan ooit tevoren investeren in veilige dijken en in schoon en voldoende water: 1,8 miljard euro.' Maar de Unie 'vergeet' te melden dat deze 1,8 miljard de opbrengst is van de Watersysteemheffing voor alle waterschappen samen. Dat is dus niet *extra* geld, maar reguliere financiering van droge voeten en schoon water. Het is mooi om dit geld voor de kerntaken van de waterschappen te labelen als een klimaatbeheer, maar er blijft dus extra geld nodig om, zoals de Unie stelt: "Er is wel extra rijksgeld voor decentrale overheden nodig om Nederland versneld aan te passen aan weersextremen."
Het pleidooi van VNG, IPO en Unie voor 1,8 miljard euro voor uitvoering van het Klimaatakkoord (2022-2024) is niet gehonoreerd. Maar als het Rijk de kosten voor klimaatadaptatie niet wil betalen, dan zit er voor de waterschappen niets anders op om naast de watersysteemheffing een aparte klimaatadaptatie-heffing in te voeren. Een heffing van 2 tientjes voor alle tien miljoen huishoudens in Nederland levert 200 miljoen per jaar op. Over drie jaar is dat 600 miljoen en dat is precies één-derde van het bedrag van 1,8 miljard dat VNG, IPO en Unie samen vragen. Zo eenvoudig kan het zijn.
Er wordt 6,7 miljard euro uitgetrokken voor klimaat en het deltaprogramma zoetwater krijgt 100 miljoen. Dat is dus ongeveer 1,5% van dit enorme bedrag. Verder is in 2018 besloten om het Deltafonds uit te breiden van het wegwerken van de achterstand in het onderhoud van dijken naar wateroverlast door klimaatverandering. En nu moet er volgens de deltacommissaris 800 miljoen bij. Wie kan dit balletje-balletje nog volgen? Volgens mij komt het deltaprogramma dus nog steeds structureel geld tekort. Enige journalistieke duiding is wel op z'n plaats!

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.