Is het mogelijk om met een waterbank voor tuinbouwbedrijven de verzilting van de ondergrond in het Westland tegen te gaan? Een eerste verkenning wees uit van wel. Een aantal kennisinstellingen gaat nu het systeem uitwerken. Eind 2020 moet duidelijk zijn of het idee van de waterbank echt levensvatbaar is.

De Waterbank Westland is een organisatorische oplossing, die het mogelijk maakt dat de tuinbouwsector voldoende overtollig regenwater in de ondergrond injecteert om de zoetwatervoorraad aan te vullen. Het onttrekken van grondwater kost een tuinder dan geld of rechten en het injecteren van hemelwater levert juist geld of rechten op. Hiermee wordt gezorgd voor een betere balans tussen vraag en aanbod van water.

Sija StofbergSija Stofberg

Deze aanpak verschilt wezenlijk van die in het buitenland, zegt onderzoeker Sija Stofberg van KWR Water Research Institute. “Andere landen hebben al waterbanken, maar deze zijn puur bedoeld voor het grondwatergebruik in gebieden met watertekorten en niet voor het tegengaan van verzilting. Dat maakt het systeem in het Westland uniek.”

Project binnen COASTAR
De waterbank is een van de projecten in het kader van het initiatief COASTAR, waarin naar innovatieve oplossingen wordt gezocht voor het zoetwatervraagstuk in Zuid-Holland. COASTAR is een samenwerkingsverband van Allied Waters, Arcadis, Deltares, KWR en bedrijfsleven en overheden in Zuid-Holland. Bij de Waterbank Westland zijn de provincie, de gemeente Westland, Hoogheemraadschap van Delfland, Evides Waterbedrijf en Glastuinbouw Nederland betrokken.

De waterbank moet het probleem van verzilting tackelen, vertelt Stofberg. “De glastuinbouwsector in het Westland heeft veel water nodig. De bedrijven met een grote watervraag gebruiken behalve regenwater nu ook brak grondwater dat ze ontzilten. Het zoute restwater dat hierbij vrijkomt, wordt dieper in de ondergrond terug gestopt. In het nieuwe systeem hoeft dat veel minder, omdat er zoet water beschikbaar is. Gebruik van brak grondwater zal wel nodig blijven, maar door zoet regenwater in de ondergrond te brengen kan verdere verzilting worden tegengegaan. Tevens verdwijnt overtollig regenwater in vooral de winter niet meer naar het oppervlaktewater. Er is dus geen onnodige verspilling.”

De KWR-onderzoeker noemt nog een bijkomend voordeel. “Het waterschap ziet de bassins van de tuinders als een mooie kans om wat te doen aan de wateroverlast bij hevige buien. Als bassins wat leger zijn omdat het water wordt gebruikt voor infiltratie, kunnen die bij een bui meer hemelwater opvangen.”

Waterbank Westland

 

Netto verzoeting
In 2018 is een eerste verkenning uitgevoerd naar de potentie van een waterbank. Hieruit kwam naar voren dat de technische randvoorwaarden grotendeels gunstig lijken en er beleidsmatig en juridisch mogelijkheden maar ook vragen zijn. Stofberg: “Wij hebben vooral gekeken naar de balans in de watervraag van tuinders en het aanbod van regenwater. Onze conclusie was dat over het geheel genomen een netto verzoeting kan worden gecreëerd in plaats van een netto verzilting zoals nu. Al kunnen er wel lokale verschillen zijn.”

Dat nodigde uit tot nader onderzoek. Onlangs is een nieuwe onderzoeksfase gestart die tot eind 2020 duurt. De onderzoekers gaan de hydrologie, de waterkwaliteit en de kosten en baten van het systeem kwantificeren. Ook wordt gekeken naar effecten en risico's en naar beleidsmatige en juridische aspecten. Verder wordt de waterbank vergeleken met andere mogelijke oplossingen.

“We gaan bekijken hoe het systeem zowel technisch als economisch kan worden ingevuld”, licht Stofberg toe. “Een mogelijkheid is dat een tuinder die grondwater onttrekt, het gebruik van brak water moet compenseren met het inbrengen van zoet water. Dat kan bij een andere tuinder, maar bijvoorbeeld ook door water op te vangen op een groot dak van een bedrijf in een andere sector. Dit bedrijf kan dan aanbieden om tegen een vergoeding regenwater te infiltreren in de ondergrond.”

Eind 2020 duidelijkheid
De uitvoerbaarheid van de waterbank staat of valt met de medewerking van de tuinbouwsector, zegt Stofberg. “Wij zijn blij dat de koepelorganisatie Glastuinbouw Nederland meewerkt aan het concept. We gaan bij tuinders toetsen of het idee past bij de praktijk. Ik merk wel dat het probleem van verzilting bij hen leeft en zij er iets mee willen doen.”

Eind 2020 moet definitief duidelijk zijn of de Waterbank Westland haalbaar is. Stofberg ziet het zonnig in en verwacht dat dan een pilot van start zal gaan. "Wij willen het systeem eerst kleinschalig uitproberen om te kijken of alles werkt zoals we hebben bedacht. Want het systeem is zo groot dat uiterste zorgvuldigheid geboden is.”

 

MEER INFORMATIE
Informatie over COASTAR
Verkenning Waterbank Westland
H2O-vakartikel over COASTAR

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Het kan soms even duren voor je reactie online komt. We controleren ze namelijk eerst even.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Dries Buitenwerf Eindelijk, het d-woord viel
Watertekort: In Nederland is het de gewoonte om water altijd vanaf oppervlakte te infiltreren in de bodem, nu weten we als we altijd een richting door een filter gaan dat dit filter dichtslaat en we steeds minder water via deze route naar het diepere grondwater zullen stromen. Als we willen voorkomen dat het diepere zoete grondwater vervolgens door zeewater wordt aangevuld zullen we dus in Oost Nederland het grondwater van onderaf moeten aanvullen cq ipv 100 m boven afpomphoogte infiltreren op 100 m onder afpomp hoogte in moeten pompen. Water dat onder druk op deze diepte (boven het zoute grondwater) wordt toegevoerd zal geen verstopping creëren en zout water wegdrukken. De weg naar boven gaat heel traag omdat het water afhankelijk van de soortelijke massa verschillen meest horizontaal zal bewegen. Als er vervolgens 100 m hoger water wordt opgepompt, zal er minder zeewater naar binnen worden getrokken.
STELLING: We zijn veel te laat, lopen achter de feiten aan en de klimaatverandering komt echt op stoom. Waar halen we de mankracht vandaan om er wat aan te doen? Op naar Duitsland.
In een interessant artikel in The Guardian wordt het succes gedeeld van onder andere De Grensmaas:
https://www.theguardian.com/environment/2022/sep/20/dutch-rewilding-project-turns-back-the-clock-500-years-aoe
Wat opvalt is de lange termijn waarin dat project zich afspeelt: de planfase begon in 1990.
Nu zijn de grenzen van ons watersysteem bereikt. Maar niet alleen van het water systeem: de biodiversiteit staat onder druk, overal speelt milieuvervuiling: in de lucht, de bodem, het water en de het diepere grondwater. Er zit een grote energietransitie aan te komen en er wordt geroepen om een systeemverandering (het werkelijke probleem is onze engineerings-maatschappij). Daarnaast staan alle sectoren te spingen om mensen: de grenzen zijn bereik van wat in Nederland uitgevoerd kan worden.
Op de achtergrond speelt de exponentiele ontwikkeling van de klimaat verandering: hitte, droogte, extreme neerslag, stormen en extreem weer: ze worden heftiger, talrijker en duren langer. Zo komt ook onze voedselvoorziening (en die van de gehele wereld) onder druk.
Een hybride giga crisis dreigt: alles klapt in een keer om. Zoals een helder meertje in een keer troebel wordt, a la migraine aanval. https://www.delta.tudelft.nl/article/spinoza-winnaars-gaan-migraine-te-lijf
We wisten in 1972 - met het uitkomen van het rapport: Grenzen aan de Groei (MIT - Club van Rome) - dat het deze kant uit zou gaan. We zitten precies op het voorspelde scenario.
Dat betekent voor ons Deltalandje: houd sterk rekening met plan D.
Zowel voor mitigatie (bovenstrooms investeren en voorkomen) als voor de meerslaagse veiligheid liggen veel van de toekomst scenario's buiten Nederland... in Duitsland. Daar ligt een deel van onze onvoorkoombare toekomst.
Nederland kan geen zeespiegelstijging voorblijven. De Waddenzee verdrinkt bij meer dan 3mm/jr. Hoe graag we dat ook zouden willen. Dat beeld moet nu eens duidelijk worden. We zijn kwetsbaar, we blijven kwetsbaar en we worden steeds kwetsbaarder. En we hebben niet de menskracht om te 'dweilen'.
Dat betekent bv: stop de Zuid-plaspolder. Het geeft een compleet verkeerd beeld en een vals signaal van veiligheid.
https://www.waterforum.net/geen-land-ter-wereld-zou-onder-9-meter-nap-bouwen/
Voorkomen is beter dan niet te genezen: maar we zijn 50 jaar te laat om klimaatverandering te voorkomen. De klimaatverandering is een feit. Multi-stress de norm. Het gaat nu voor NEDERland om de vraag waarop we inzetten voor 2100: Ik stel: op naar hoger Nederland en richting Duitsland.
Plaatje: Eindhoven was vroeger een bloeiende badplaats - toneelstuk uit 1982 - toen was het gevoel van urgentie veel hoger dan nu.
https://theaterencyclopedie.nl/wiki/Eindhoven_was_vroeger_een_bloeiende_badplaats_-_Zuidelijk_Toneel_Globe_-_1982-02-06
Dit artikel presenteert resultaten gebaseerd op onderzoek dat van den Akker ruim vijf jaar geleden heeft gepubliceerd in Stromingen. Op zijn methodiek is destijds van diverse kanten inhoudelijke kritiek geleverd (Olsthoorn, 2014a,b,c; Leenen, 2014). Hieraan gaat hij nu volledig voorbij. Ook negeert hij dat zijn aanpak fysisch-wiskundig gezien aantoonbaar onjuist is (Zaadnoordijk, 2017) en ontkent hij het inzicht van de NHV-werkgroep Achtergrondverlaging (van Bakel e.a., 2017).

- Bakel, J. van, E. Querner, G. Rot, G. Schouten, N. Straathof, W. Vaarkamp, J.P. Witte, W.J. Zaadnoordijk (2017) Zicht op Achtergrondverlaging, rapport van de Werkgroep Achtergrondverlaging van de Nederlandse Hydrologische Vereniging, Wageningen, mei 2017.
- Leenen, H. (2014) Reactie op artikel "Tussen Theis en Hantush"van Cees van den Akker, Stromingen, 20, nummer 3, p.65-69.
- Olsthoorn, T. (2014a) De dynamica van de verlaging van Terwisscha of in vergelijkbare situaties, revisited, Stromingen, 20, nummer 1, p15-33.
- Olsthoorn, T. (2014b) Tussen De Glee en Dupuit, revisited, Stromingen, 20, nummer 1, p35-55.
- Olsthoorn, T. (2014c) De fysische onderbouwing van de overdrachtsfactor nader bekeken, Stromingen, 20, nummer 3, p.11-25
- Zaadnoordijk, W.J. (2017) Kanttekeningen bij gebruik van differentiaalvergelijking van v/d Akker, notitie 7 maart 2017, beschikbaar op: http://www.debakelsestroom.nl/kennisbank/attachment/memobijdiffvergvdakker_v4_opm-jvb-20-maart-2017/.

Willem Jan Zaadnoordijk, Flip Witte en Jan van Bakel
Vanmorgen Noorderzeedijk tussen Roptazijl en Harlingen. Bijna dagelijkse realiteit.
Er wordt hier het nodige door elkaar gehaald. Jonge zalm migreert stroomafwaarts naar zee en hebben daarbij voornamelijk last van waterkrachtcentrales en niet van gemalen en maar in heel beperkte mate van stuwen (daar kunnen ze met het water overheen). Jonge paling migreert wel stroomopwaarts, in de eerste instantie als glasaal en later als gepigmenteerde juveniele aal. Maar stroomopwaarts migreren met de stroom mee? Dat is heel bijzonder. Schieraal migreert stroomafwaarts met de stroming mee, hoewel dat slechts een deel van de populatie betreft. Een deel van de schieraal migreert aanzienlijk langzamer dan de stroming en onderbreekt zelfs haar migratie voor langere perioden.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!