De koers is goed maar om de doelen in 2050 te halen moet de uitvoering van maatregelen worden versneld en geïntensiveerd. Dat staat in het Deltaprogramma 2021. Er wordt vanuit het Deltafonds 100 miljoen extra beschikbaar gesteld voor zoetwatermaatregelen.

Het Deltaprogramma 2021 is gisteren op Prinsjesdag verschenen en heeft als titel Koersvast werken aan een klimaatbestendig Nederland. Het Deltaprogramma wordt elke zes jaar herijkt en dat is nu voor de eerste keer gebeurd sinds het programma tien jaar geleden startte. De ingezette koers is goed, schrijft deltacommissaris Peter Glas in zijn aanbiedingsbrief aan minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat. “Maar er moet een schep bovenop, we moeten versnellen en intensiveren.”

Peter GlasPeter Glas

Er ligt volgens Glas een forse uitdaging om de doelen voor waterveiligheid, zoetwaterbeschikbaarheid en ruimtelijke adaptatie in 2050 te halen. Hij wijst op extreme weersomstandigheden waarvan in 2015 nog niet werd verwacht dat die op korte termijn zouden optreden, zoals enorme droogte en uitzonderlijke hoosbuien. Die zijn de afgelopen zes jaar meermaals voorgekomen. Ook om andere redenen neemt de urgentie van investeringen toe. “Deze investeringen zijn juist nu cruciaal om onze economie te stimuleren en de maatschappij weerbaar te maken tegen de negatieve (ook economische) effecten van de extremer wordende omstandigheden.”

Vertraging bij projecten inlopen
De complexiteit van projecten, de problemen met stikstof en PFAS en nu ook nog de coronacrisis helpen niet. Projecten lopen vertraging op. Glas: “Door aanpassingen in projecten, technologische ontwikkelingen en met behulp van maatregelen die door de overheden worden getroffen, kunnen naar verwachting vertragingen op programmaniveau worden ingelopen. Ik ben hier bijzonder alert op. Er is nog 30 jaar te gaan tot 2050, maar er is weinig tijd te verliezen want de opgaven zijn groot.” Hij roept de waterkeringbeheerders en andere betrokken partijen op om de schouders te zetten onder het realiseren van de doelen voor waterveiligheid.

 'Er is weinig tijd te verliezen want de opgaven zijn groot'

De deltacommissaris doet in verband met de gevolgen van de coronacrisis het dringende verzoek aan het kabinet om te voorkomen dat het werk aan de delta stagneert door een eventueel gebrek aan financiën. “Er zijn maatregelen geïnventariseerd door de ambtelijke werkgroep van de Brede Maatschappelijke Heroverweging Klaar voor Klimaatverandering. De optie om de uitvoering van het Hoogwaterbeschermingsprogramma te vertragen raad ik, gelet op de genoemde veranderende klimatologische veranderingen, ten zeerste af.” Van Nieuwenhuizen houdt zich in haar reactie op de vlakte. De minister vindt dit een zaak voor het volgende kabinet dat na de verkiezingen van volgend jaar aantreedt.

Vooral aanpassingen bij deltabeslissing zoetwater
In het Deltaprogramma staat een adaptieve aanpak centraal. De deltabeslissingen en voorkeurstrategieën worden aangepast, als nieuwe ontwikkelingen en inzichten daartoe aanleiding geven. Uit de eerste herijking blijkt dat er met name aanscherpingen in de deltabeslissing zoetwater nodig zijn. Deze beslissing krijgt als doel: Nederland is in 2050 weerbaar tegen zoetwatertekort. Verder moet bij alle opgaven extra aandacht worden besteed aan de snelheid van de uitvoering van maatregelen om de doelen over dertig jaar te halen.

Volgens het Deltaprogramma 2021 is het ook belangrijk om verder te kijken. De opgaven voor waterveiligheid en zoetwater kunnen na 2050 fors toenemen door versnelde zeespiegelstijging. De betrokken partijen moeten daarmee rekening houden bij beslissingen die zij in de komende jaren nemen en zich nu al voorbereiden op de grote keuzes die na 2050 misschien nodig zijn. In het Kennisprogramma Zeespiegelstijging worden opties voor een andere inrichting van Nederland en mogelijke maatregelen onderzocht.

Extra geld voor zoetwatermaatregelen
Het Deltafonds bevat in totaal ongeveer 18,6 miljard euro vanaf volgend jaar tot en met 2034. Het jaarlijkse budget is gemiddeld 1,3 miljard euro. Minister Van Nieuwenhuizen gaat 100 miljoen euro extra uit het Deltafonds beschikbaar stellen voor zoetwatermaatregelen tussen 2022 en 2027, bovenop de 150 miljoen euro die hiervoor al is gereserveerd. Het meeste geld komt van partijen uit de regio: provincies, waterschappen, gemeenten en andere partijen zoals drinkwaterbedrijven. Daarmee komt het volledige budget voor de uitvoering van zoetwatermaatregelen uit op ruim 800 miljoen euro in de periode 2022 – 2027.

Dit maakt een omvangrijk pakket in verband met droogte en het voorkomen van zoetwatertekort mogelijk. Rijkswaterstaat en de zes zoetwaterregio’s bereiden ongeveer honderdvijftig maatregelen voor. Voorbeelden zijn:
• infrastructurele wijzigingen zoals verbeteren van de doorvoer van de Krimpenerwaard (West-Nederland) en beperken van externe verzilting bij de Afsluitdijk (Rijkswaterstaat);
• innovatieve projecten zoals experimenteren met natte teelten op natte gronden, verbeteren van de bodemstructuur van kleigronden en onderzoeken van de teelt van zouttolerante gewassen (Noord-Nederland);
• ruimtelijke aanpassing van grondgebruik zoals ontstenen van verhard oppervlak, omzetten van naaldbossen naar loofbossen en dempen of afsluitbaar maken van sloten en greppels (hoge zandgronden in Oost- en Zuid-Nederland);
• hergebruik van effluent van rioolwaterzuiveringsinstallaties (Noord- en West-Nederland en de Zuidwestelijke Delta).

Wateropgaven meer sturend bij ruimtelijke inrichting
De verbinding tussen ruimte en water is een belangrijk thema in het Deltaprogramma 2021. De wateropgaven moeten meer sturend worden en randvoorwaarden gaan aangeven voor keuzes in de ruimtelijke inrichting. Activiteiten die veel water vragen, vinden bij voorkeur niet meer in droogtegevoelige gebieden plaats. Dit geldt bijvoorbeeld voor het telen van bepaalde gewassen. Bij de locatiekeuze en de gebiedsinrichting van nieuwe woonwijken moet rekening worden gehouden met klimaatverandering.

Budgetten DeltafondsBudgetten Deltafonds op basis van de Ontwerpbegroting 2021 (Bron: Deltaprogramma 2021)

 

MEER INFORMATIE
Toelichting op herijkt Deltaprogramma 2021
Online publicatie Deltaprogramma 2021
H2O-bericht over plannen Prinsjesdag
H2O-bericht (2019) over Deltaprogramma 2020

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Het kan soms even duren voor je reactie online komt. We controleren ze namelijk eerst even.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Mooi onderzoek. Met de hete zomers van nu is het fijn om vlakbij zwemwater te hebben en het water op de hoek van de straat ( in mijn geval) kan dan een enorme aantrekkingskracht hebben. Mooie aanvulling op het onderzoek, zou een vergelijking met nabijgelegen “ officiële zwemwaterlocaties” kunnen zijn: op welke punten scoren deze beter ( en waar minder) als zwemlocatie… , wat is de capaciteit … en hoe nabijgelegen zijn deze locaties.
Hoezo een nieuwe bestuurscultuur in de politiek? Handje-klap van de ChristenUnie om zo veel als mogelijk alles bij het oude te houden. Dat je in 2022 met een amendement op basis van het advies uit 2015 - is echt oude wijn in nieuwe zakken. De commissie Boelhouwer was duidelijk: of alle geborgde zetels opheffen, of max. 2 zetels voor boeren en 2 zetels voor natuurbeheerders (die steeds 'natuur' worden genoemd). Geborgde zetels natuur zijn overbodig, zelfs Natuurmonumenten wil er vanaf. En dan meteen de waterschapsbelasting op natuurterreinen afschaffen, Natuur wordt uit publiek geld betaald en landelijk gaat het slechts om 0.25% van de totale opbrengst van de watersysteemheffing.
Juni wordt ook droog: veel NW winden, dwz. wat buien, maar die zullen geen zoden aan de dijk zetten.
Mocht het in Juli weer warm en zonnig worden dan zal er een fors escalerend waterprobleem zijn.
Je sommetje klopt niet, Hans, want de lozing van N was altijd al veel groter dan van P. Stel in 1990 was de lozing van N 5 keer zo groot als P, dus 5:1. N is afgenomen met 64%, er is dus nog over 0,36*5 = 1,8. Van P is 74% verwijderd, dus nog over 0,26*1 = 0,26. De verhouding N:P is dan nu geworden 1,8:0,26 oftewel (afgerond) 7:1. Er is dus nu meer stikstof ten opzichte van fosfor in de lozing, dan het geval was in 1990.
"64% minder lozing dan in 1990" juicht dit artikel. Dan praat je dus over 2 procent verbetering per jaar. Of anders gezegd: na 32 jaar is de restlozing met twee-derde afgenomen. De zuiveringstechniek is in deze periode geëvolueerd van alleen aerobe beluchting naar anaerobe technieken, dus zo verrassend is dit niet.
De hamvraag die onbeantwoord blijft, is wat de impact is van de restlozing op de doelen van de KRW. Uit de berekeningen van het CBS zou blijken dat stikstof uit rwzi's nog voor 18% bijdraagt aan de totale belasting, en fosfaat nog voor 25% aan de totale belasting. Maar het gaat nog steeds om enorme hoeveelheden: 14,3 miljoen kg N en 1,64 miljoen kg P.
De afname in kg N is veel groter is dan in kg P. De verhouding tussen N en P is verschoven. Met als gevolg dat blauwalgen (die zelf stikstof binden) "in het voordeel zijn" vergeleken met groenalgen, die stikstof uit het oppervlaktewater opnemen. Dertig jaar geleden was er nog veel 'groene soep', inmiddels zijn de drijflagen van blauwalgen een hardnekkig probleem.
Het zou dus zomaar kunnen zijn dat het verwijderen van stikstof nu voldoende is, maar dat de verwijdering van fosfaat nog veel beter moet. Behalve wellicht als de rwzi (bijna) rechtstreeks op zee loost, dan is goed ook goed genoeg.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!