De watersector heeft ondanks de coronacrisis goede voortgang geboekt bij de uitvoering van het waterbeleid, volgens de rapportage De Staat van Ons Water 2020. Ook financieel wordt een positieve ontwikkeling gemeld. Vergeleken met tien jaar geleden is een doelmatigheidswinst van jaarlijks ruim een miljard euro gerealiseerd.

In de rapportage wordt een overzicht gegeven van de ontwikkelingen op de diverse terreinen van het waterbeleid. Het is een gezamenlijke publicatie van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, de Unie van Waterschappen (UvW), de Vereniging van Waterbedrijven in Nederland (Vewin), het Interprovinciaal Overleg en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten. De nieuwste editie van de jaarlijks verschijnende De Staat van Ons Water is vorige week door demissionair minister Cora van Nieuwenhuizen aangeboden aan de Tweede Kamer.

Dagelijks werk grotendeels zonder haperen doorgegaan
Uiteraard is er veel aandacht voor de gevolgen van de coronapandemie. Deze zijn voor de watersector beperkt gebleven in vergelijking met veel andere sectoren. De watersector heeft vorig jaar goede voortgang geboekt, wordt opgemerkt in het rapport. Het dagelijkse werk ging grotendeels zonder haperen door.

Na het uitbreken van de coronacrisis hebben de waterpartijen de continuïteitsplannen in werking gezet en protocollen vastgesteld om de dienstverlening te waarborgen. Verschillende organisaties hebben hun continuïteitsplannen geactualiseerd en waar nodig de lijsten met kritische functies uitgebreid. De drinkwaterbedrijven hebben zich met verstoringsrisicoanalyses voorbereid op verschillende typen verstoringen, waaronder een ernstige ziektegolf onder de werknemers. De levering van drinkwater kon mede hierdoor op niveau blijven.

De watersector leverde een bijdrage aan de snelle detectie van het coronavirus in ‘big brown data’ door het RIVM te voorzien van monsters uit rioolwater. Inmiddels worden hiervoor regelmatig monsters genomen bij alle rioolwaterzuiveringen.

Nieuwe plannen met grote uitstraling
Volgens De Staat van Ons Water zijn in 2020 jaar nieuwe plannen met een grote uitstraling voor het waterbeleid en -beheer in de steigers komen te staan: de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) en het Nationaal Waterprogramma met onder meer de nieuwe stroomgebiedbeheerplannen 2022-2027 voor de Kaderrichtlijn Water en de overstromingsrisicobeheerplannen. Deze plannen treden volgend jaar in werking. In de NOVI is water als ordenend principe bij de inrichting van Nederland opgenomen.

De uitvoering van de meeste gebiedsgerichte maatregelen uit de huidige stroomgebiedbeheerplannen 2016-2021 geeft echter reden tot zorg. Van een significant aantal maatregelen is de uitvoering nog niet gestart, terwijl deze dit jaar moeten worden afgerond. Voor een deel komt dat door de problematiek met PFAS of stikstof. Ook spelen er al langer problemen met grondaankoop en langjarige gebiedsprocessen. De uitvoering van een deel van de maatregelen zal naar alle waarschijnlijkheid doorlopen in de planperiode 2022-2027.

Staat van ons Water plus Bron: Staat van Ons Water 2020

Sterke stijging van investeringen in drinkwatervoorziening
Overheden en drinkwaterbedrijven hebben vorig jaar 7,7 miljard euro uitgegeven om Nederland te beschermen tegen overstromingen en te zorgen voor voldoende en schoon water (inclusief kwalitatief goed drinkwater). De investeringen voor een toekomstbestendige drinkwatervoorziening stijgen de komende jaren sterk, gemiddeld met meer dan 50 procent. Met de huidige regelgeving is de financiering hiervan niet haalbaar, wordt gesteld. Het risico bestaat dat er te weinig wordt geïnvesteerd.

De waterpartijen spraken in 2011 in het Bestuursakkoord Water (BAW) af om de doelmatigheid in het waterbeheer te vergroten en de belastingen en drinkwatertarieven voor huishoudens en bedrijven betaalbaar te houden. Het doel was om een doelmatigheidswinst te realiseren die zou oplopen tot ten minste 750 miljoen euro per jaar in 2020.

Die doelstelling is ruimschoots gehaald door onder meer een uitbreiding van de samenwerking en een verbetering van de afstemming tussen gemeenten, waterschappen en drinkwaterbedrijven. Volgens een berekening over 2019 is de doelmatigheidswinst opgelopen tot ruim 1 miljard euro: 668 miljoen euro in de waterketen en 404 miljoen euro in het watersysteem. Het BAW is vorig jaar afgerond. Het rapport meldt dat de partijen zich ook in de komende periode blijven inzetten voor het verbeteren van efficiency en intensieve samenwerking.

Doelmatigheidswinst plus Bron: De Staat van Ons Water 2020

 

MEER INFORMATIE
De Staat van Ons Water 2020 (download)
UvW over halen van doelen BAW 

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Het kan soms even duren voor je reactie online komt. We controleren ze namelijk eerst even.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Dries Buitenwerf Eindelijk, het d-woord viel
Watertekort: In Nederland is het de gewoonte om water altijd vanaf oppervlakte te infiltreren in de bodem, nu weten we als we altijd een richting door een filter gaan dat dit filter dichtslaat en we steeds minder water via deze route naar het diepere grondwater zullen stromen. Als we willen voorkomen dat het diepere zoete grondwater vervolgens door zeewater wordt aangevuld zullen we dus in Oost Nederland het grondwater van onderaf moeten aanvullen cq ipv 100 m boven afpomphoogte infiltreren op 100 m onder afpomp hoogte in moeten pompen. Water dat onder druk op deze diepte (boven het zoute grondwater) wordt toegevoerd zal geen verstopping creëren en zout water wegdrukken. De weg naar boven gaat heel traag omdat het water afhankelijk van de soortelijke massa verschillen meest horizontaal zal bewegen. Als er vervolgens 100 m hoger water wordt opgepompt, zal er minder zeewater naar binnen worden getrokken.
STELLING: We zijn veel te laat, lopen achter de feiten aan en de klimaatverandering komt echt op stoom. Waar halen we de mankracht vandaan om er wat aan te doen? Op naar Duitsland.
In een interessant artikel in The Guardian wordt het succes gedeeld van onder andere De Grensmaas:
https://www.theguardian.com/environment/2022/sep/20/dutch-rewilding-project-turns-back-the-clock-500-years-aoe
Wat opvalt is de lange termijn waarin dat project zich afspeelt: de planfase begon in 1990.
Nu zijn de grenzen van ons watersysteem bereikt. Maar niet alleen van het water systeem: de biodiversiteit staat onder druk, overal speelt milieuvervuiling: in de lucht, de bodem, het water en de het diepere grondwater. Er zit een grote energietransitie aan te komen en er wordt geroepen om een systeemverandering (het werkelijke probleem is onze engineerings-maatschappij). Daarnaast staan alle sectoren te spingen om mensen: de grenzen zijn bereik van wat in Nederland uitgevoerd kan worden.
Op de achtergrond speelt de exponentiele ontwikkeling van de klimaat verandering: hitte, droogte, extreme neerslag, stormen en extreem weer: ze worden heftiger, talrijker en duren langer. Zo komt ook onze voedselvoorziening (en die van de gehele wereld) onder druk.
Een hybride giga crisis dreigt: alles klapt in een keer om. Zoals een helder meertje in een keer troebel wordt, a la migraine aanval. https://www.delta.tudelft.nl/article/spinoza-winnaars-gaan-migraine-te-lijf
We wisten in 1972 - met het uitkomen van het rapport: Grenzen aan de Groei (MIT - Club van Rome) - dat het deze kant uit zou gaan. We zitten precies op het voorspelde scenario.
Dat betekent voor ons Deltalandje: houd sterk rekening met plan D.
Zowel voor mitigatie (bovenstrooms investeren en voorkomen) als voor de meerslaagse veiligheid liggen veel van de toekomst scenario's buiten Nederland... in Duitsland. Daar ligt een deel van onze onvoorkoombare toekomst.
Nederland kan geen zeespiegelstijging voorblijven. De Waddenzee verdrinkt bij meer dan 3mm/jr. Hoe graag we dat ook zouden willen. Dat beeld moet nu eens duidelijk worden. We zijn kwetsbaar, we blijven kwetsbaar en we worden steeds kwetsbaarder. En we hebben niet de menskracht om te 'dweilen'.
Dat betekent bv: stop de Zuid-plaspolder. Het geeft een compleet verkeerd beeld en een vals signaal van veiligheid.
https://www.waterforum.net/geen-land-ter-wereld-zou-onder-9-meter-nap-bouwen/
Voorkomen is beter dan niet te genezen: maar we zijn 50 jaar te laat om klimaatverandering te voorkomen. De klimaatverandering is een feit. Multi-stress de norm. Het gaat nu voor NEDERland om de vraag waarop we inzetten voor 2100: Ik stel: op naar hoger Nederland en richting Duitsland.
Plaatje: Eindhoven was vroeger een bloeiende badplaats - toneelstuk uit 1982 - toen was het gevoel van urgentie veel hoger dan nu.
https://theaterencyclopedie.nl/wiki/Eindhoven_was_vroeger_een_bloeiende_badplaats_-_Zuidelijk_Toneel_Globe_-_1982-02-06
Dit artikel presenteert resultaten gebaseerd op onderzoek dat van den Akker ruim vijf jaar geleden heeft gepubliceerd in Stromingen. Op zijn methodiek is destijds van diverse kanten inhoudelijke kritiek geleverd (Olsthoorn, 2014a,b,c; Leenen, 2014). Hieraan gaat hij nu volledig voorbij. Ook negeert hij dat zijn aanpak fysisch-wiskundig gezien aantoonbaar onjuist is (Zaadnoordijk, 2017) en ontkent hij het inzicht van de NHV-werkgroep Achtergrondverlaging (van Bakel e.a., 2017).

- Bakel, J. van, E. Querner, G. Rot, G. Schouten, N. Straathof, W. Vaarkamp, J.P. Witte, W.J. Zaadnoordijk (2017) Zicht op Achtergrondverlaging, rapport van de Werkgroep Achtergrondverlaging van de Nederlandse Hydrologische Vereniging, Wageningen, mei 2017.
- Leenen, H. (2014) Reactie op artikel "Tussen Theis en Hantush"van Cees van den Akker, Stromingen, 20, nummer 3, p.65-69.
- Olsthoorn, T. (2014a) De dynamica van de verlaging van Terwisscha of in vergelijkbare situaties, revisited, Stromingen, 20, nummer 1, p15-33.
- Olsthoorn, T. (2014b) Tussen De Glee en Dupuit, revisited, Stromingen, 20, nummer 1, p35-55.
- Olsthoorn, T. (2014c) De fysische onderbouwing van de overdrachtsfactor nader bekeken, Stromingen, 20, nummer 3, p.11-25
- Zaadnoordijk, W.J. (2017) Kanttekeningen bij gebruik van differentiaalvergelijking van v/d Akker, notitie 7 maart 2017, beschikbaar op: http://www.debakelsestroom.nl/kennisbank/attachment/memobijdiffvergvdakker_v4_opm-jvb-20-maart-2017/.

Willem Jan Zaadnoordijk, Flip Witte en Jan van Bakel
Vanmorgen Noorderzeedijk tussen Roptazijl en Harlingen. Bijna dagelijkse realiteit.
Er wordt hier het nodige door elkaar gehaald. Jonge zalm migreert stroomafwaarts naar zee en hebben daarbij voornamelijk last van waterkrachtcentrales en niet van gemalen en maar in heel beperkte mate van stuwen (daar kunnen ze met het water overheen). Jonge paling migreert wel stroomopwaarts, in de eerste instantie als glasaal en later als gepigmenteerde juveniele aal. Maar stroomopwaarts migreren met de stroom mee? Dat is heel bijzonder. Schieraal migreert stroomafwaarts met de stroming mee, hoewel dat slechts een deel van de populatie betreft. Een deel van de schieraal migreert aanzienlijk langzamer dan de stroming en onderbreekt zelfs haar migratie voor langere perioden.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!