secundair logo knw 1

De Ostrea, het hefschip dat in 1983-‘84 de 65 pijlers van de Oosterscheldekering naar hun plaats van bestemming bracht | Foto: Beeldarchief Rijkswaterstaat (fotograaf onbekend)

Op dit moment worden de financieel-economische effecten van mogelijke strategieën voor adaptatie aan zeespiegelstijging nog niet op een eenduidige en systematische manier meegenomen. Het is belangrijk dat daar snel verandering in komt, stellen onderzoekers van Deltares, de TU Delft en de Vrije Universiteit Amsterdam. In een nieuwe publicatie in wetenschappelijk tijdschrift Nature Climate Action beschrijven ze waarom dit belangrijk is en hoe het beter kan. Bart Rijken (onderzoeker water, landgebruik en toekomstscenario’s) en Wesley van Veggel (milieueconoom), beiden van Deltares, vertellen namens het onderzoeksteam over hun bevindingen.


door Marianne Lankelma


In 2019 publiceerde Deltares in opdracht van de Deltacommissaris en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat vier mogelijke strategieën voor adaptatie aan zeespiegelstijging: ‘beschermen-gesloten’, ‘beschermen-open’, ‘zeewaarts’ en ‘meebewegen’. In overwegingen van deze adaptatiestrategieën lag de focus tot dusver vooral op technische aspecten. Maar wat doen deze strategieën met de financiële markt en wat doet de financiële markt met de strategieën? En hoe zit het met bredere effecten op de economie, bijvoorbeeld via investeringen en de woningmarkt?

Daarover interviewden de onderzoekers 14 specialisten uit de financiële sector, waaronder wetenschappers, bankiers, verzekeraars en beleggers. Op basis van deze gesprekken en literatuuronderzoek doen de onderzoekers aanbeveling tot het uitwerken van:

  • de mogelijke gevolgen van adaptatiestrategieën voor o.a. vastgoedprijzen, investeringen, economische productiviteit en financiële stabiliteit;
  • stresstests die de financiële markt kunnen tonen of de economische impact van een beoogde strategie - ook in catastrofale scenario’s - acceptabel zou blijven;
  • maatschappelijke kosten-batenanalyses waarin de strategieën breed, eenduidig en systematisch kunnen worden geëvalueerd;
  • en dynamische, ruimtelijke adaptatiepaden waarin de strategieën slim worden gecombineerd in tijd en ruimte, rekening houdend met onzekerheden op lange termijn qua bevolkingsgroei, economie en klimaat.

Waarom konden de adaptatiestrategieën tot nu toe niet goed worden vergeleken?
Bart RijkenRijken: “De strategieën ‘beschermen’ en ‘meebewegen’ hebben een verschillend perspectief. ‘Beschermen’ is gefocust op het beheersen van overstromingsrisico’s op basis van veiligheidsnormen. Maatregelen daarvoor zijn vooral civieltechnisch; denk aan de Deltawerken. Dit soort oplossingen kunnen ons blijven beschermen tot tenminste 5 meter zeespiegelstijging. ‘Meebewegen’ kijkt verder dan 5 meter zeespiegelstijging en legt de nadruk op leven met in plaats van verzet tegen het water. Meebeweeg-oplossingen zijn bij voorkeur nature-based en gaan ook over mogelijke bijvangsten, bijvoorbeeld voor biodiversiteit en waterkwaliteit. De verschillende perspectieven maken dat de kosten en baten van deze twee adaptatiestrategieën verschillend worden bepaald – als ze al bepaald worden, want niet alles is even gemakkelijk in euro’s uit te drukken.”

Wesley van VeggelVan Veggel: “Dit maakt het momenteel lastig om analyses van deze strategieën met elkaar te vergelijken. Kosten-batenanalyses voor beschermen en meebewegen worden nog niet op een uniforme, systematische manier uitgevoerd waarbij dezelfde criteria, termijnen en stakeholders worden betrokken. Met de onderzoeksagenda die we in de publicatie schetsen hopen we dit de komende jaren te kunnen gaan overbruggen.”

Voor een eerder dit jaar gepubliceerd onderzoek over meebewegen spraken jullie vakgenoten Carolien Kraan, Marjolijn Haasnoot en Katharine Mach met 43 experts uit de watersector, landbouw, bancaire sector en het verzekeringswezen. Hieruit bleek dat een groep experts verwacht dat we op korte termijn blijven focussen op beschermen dan wel zeewaarts gaan, maar dat er een omslagpunt zal komen waarop snel wordt overgeschakeld naar meebewegen. Wat doet dat met het vertrouwen van de financiële markt in de strategie ‘beschermen’?

Van Veggel: “Er is nu nog geen sprake van devaluatie. Voor woningen geldt zelfs dat de prijzen in gebieden die dichtbij water liggen hoger zijn, omdat mensen graag dichtbij het water wonen. Het is cruciaal dat dat vertrouwen er blijft. Nederland heeft nu een triple A kredietrating, waarmee de Staat leningen met lage rente kan afsluiten. Als we die status verliezen, zouden we over onze staatsschuld meer rente moeten gaan betalen, en dat is geld wat je liever zou uitgeven aan bijvoorbeeld  waterveiligheid. Om die reden is ook het initiatief NL AAA Klimaatbestendig gestart, een samenwerking tussen publieke partijen en de financiële sector om Nederland weerbaar te maken tegen klimaatverandering.”

Van Veggel: “Voor die AAA-rating concurreren we met andere landen. Qua ligging onder zeeniveau zijn we een land dat een relatief hoog financieel risico loopt. Daar staat tegenover dat we één van de meest geavanceerde waterbeheersystemen ter wereld hebben. Dat schept vertrouwen. Ook zou het goed kunnen dat de financiële markt er vertrouwen uit put dat we als Nederland al zo vroeg met adaptatie bezig zijn.”

Rijken: “Wat we in elk geval gemerkt hebben in interviews met experts uit het bank- en verzekeringswezen, is dat de financiële sector heel geïnteresseerd is in de nieuwste inzichten.”

Hoe moeilijk het is om politieke besluiten te nemen over langetermijnstrategieën hebben we met de bouw van de Deltawerken en de afsluiting van de Zuiderzee al eens meegemaakt

Hoe moeilijk het zich ook laat voorspellen hoe klimaatverandering zich zal ontvouwen en hoe de financiële markt daarop zal reageren: op gegeven moment zullen ‘decisionmakers’ toch op hoofdlijnen moeten besluiten welke weg of combinatie van wegen ze inslaan? Wanneer moeten ze dat uiterlijk doen? De voorbereiding van een paar kilometer dijkversterking kost momenteel algauw 8,5 jaar.

Van Veggel: “Hoe moeilijk het is om politieke besluiten te nemen over langetermijnstrategieën hebben we met de bouw van de Deltawerken en de afsluiting van de Zuiderzee al eens meegemaakt. Achteraf blijken dat heel kostenefficiënte maatregelen te zijn geweest, maar toentertijd was er veel weerstand om die maatregelen er politiek doorheen te krijgen. Het is moeilijk om een stip op de horizon te zetten, ook omdat we de puzzelstukjes eigenlijk nog aan het leggen zijn.”

Begin nu alvast met geleidelijk meebewegen, lokaal, op een zo transparant en voorspelbaar mogelijke manier

Rijken: “Als er een ramp gebeurt, zal dat de besluitvorming wellicht versnellen, maar tegen een hoge prijs. Wij zeggen: probeer dit vóór te zijn en begin nu alvast met geleidelijk meebewegen, lokaal, op een zo transparant en voorspelbaar mogelijke manier. Doe dat breed geïnformeerd en afgewogen, en rekening houdend met de mogelijke effecten op de economie.”

Van Veggel: “Hoe abrupter je verandert van strategie, hoe groter de vertrouwensimpact op de financiële markt kan zijn.”

Wat raden jullie overheden aan om te doen totdat de puzzel gelegd is?
Rijken: “Houd bij nieuwbouw rekening met water en bodem, door bijvoorbeeld te stoppen met bouwen op slappe bodems en in diepe polders, of ‘anders’ te bouwen, bijvoorbeeld op palen of terpen. Alvast lokaal meebewegen dus. Dat is in principe geen nieuwe boodschap. In de welbekende Kamerbrief van 2022 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat allang het signaal afgegeven dat water en bodem sturend moeten zijn bij locatiekeuzes voor nieuwbouw.”

Rijken: “Bij voorkeur stellen we burgers en bedrijven vooral ook zelf in staat om autonome, geïnformeerde afwegingen te maken, bijvoorbeeld door ze bij de aanschaf van vastgoed niet alleen te informeren over energielabels maar ook over overstromingsrisico’s op wijkniveau.”

Eerder dit jaar concludeerde Bas Kolen, hoogleraar Enterprise Risk Management aan de Universiteit van Amsterdam, dat ‘beschermen’ in combinatie met lokale vormen van meebewegen vanuit financieel-economisch perspectief de meest aantrekkelijke strategie is, omdat de uitvoeringskosten en maatschappelijke risicokosten door overstromingen bij meebewegen aanzienlijk hoger zijn dan bij beschermen. Hoe verhouden deze bevindingen zich tot jullie aanbevelingen?

Van Veggel: “De onderzoeken van Bas Kolen en van ons sluiten goed op elkaar aan. Maar zonder een bredere maatschappelijke kosten-batenanalyse waarin de adaptatiestrategieën onderling worden vergeleken, is het moeilijk voor overheden om te kiezen welke strategie het meest geschikt is voor de bredere economie.”

Rijken: “Naast waterveiligheid dienen deze bredere langetermijnanalyses ook te kijken naar gerelateerde thema’s als biodiversiteit, voedselproductie en de kosten van waterbeheer. Ook dit laatste in brede zin. Kijk niet alleen naar dijkversterking en -onderhoud, maar bijvoorbeeld ook naar de aanvoer en verdeling van zoet water die nodig is voor biodiversiteit en voedselproductie.”

De strategieën kunnen waarschijnlijk goed samengaan, zowel in tijd als ruimte. Na elkaar en naast elkaar dus

Rijken: “De strategieën kunnen waarschijnlijk goed samengaan, zowel in tijd als ruimte. Na elkaar en naast elkaar dus. In onze publicatie benadrukken we het belang van maatwerk, rekening houdend met ruimtelijke economie en agglomeratievoordelen van stedelijke concentraties. De Randstad verplaats je niet zomaar.”

Van Veggel: “Meebewegen kan ook in verschillende gradaties. Het kan gaan over het verplaatsen van een complete stad naar het oosten, maar ook om kleinschaliger, lokale ingrepen zoals ruimte aan rivieren geven.”

Van Veggel: “No regret-maatregelen die we aanbevelen zijn investeringen die economische ontwikkeling op hoger gelegen gronden bevorderen, zoals betere treinverbindingen tussen West- en Oost-Nederland. Daarmee hou je meer opties open.”

Wat betekent dit alles voor huishoudens?
Rijken: “Tenzij zich een grote ramp voordoet zal de risicoperceptie achter onze sterke dijken niet snel toenemen en zullen woningprijzen hun waarde behouden. Waar en wanneer meebewegen gepaard zou gaan met duidelijke en significante toenamen van het overstromingsrisico zullen deze prijzen echter dalen, of in ieder geval minder snel stijgen. In onze krappe woningmarkt zal dit een opwaarts effect hebben op de woningprijzen op andere plekken. Ook dit soort verdelingseffecten moeten goed meegenomen worden in economische analyses.”

Rijken: “In elk geval wordt het tijd voor een nieuwe stap, om samen aan de tekentafel te gaan, brede en onderling vergelijkbare kosten-batenanalyses te maken, en slimme mengvormen van verschillende adaptatiestrategieën te verkennen.”


LEES OOK
H2O april: 'De zeespiegel stijgt, kunnen we meebewegen?' (interview met Carolien Kraan)
H2O juli: Bas Kolen: 'Zie meebewegen als onderdeel van de beschermingsstrategie'

Typ je reactie...
Je bent niet ingelogd
Of reageer als gast
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Laat je reactie achter en start de discussie...

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Moet er dan een soort deltawerken komen in alle grote rivieren en kanalen om dichter bij zee het zout water tegen te houden en de waterlopen kunstmatig hoog te houden? Met de bestaande stuwen zijn het voorkomen van verzilting en meer water vast houden tegenstrijdig.

Ik denk niet dat ecologen en de Raad van State staan te springen.
Op 26 augustus 2026 rond 3 uur zag ik langs de Mark thv Galder een boer zijn mesttank lozen in de Mark. Kan dat zomaar?
Het is wel weer duidelijk hoe de wind waait bij meneer Nielen. Eerst natuurlijk met de zware industrie praten, en uiteindelijk, omdat het moet, ook nog eventjes met de natuurorganisaties. Ach, de toekomstige generatie lost het wel weer op. 
Gelukkig zijn de buitensporige klimaatscenario's van het IPCC drastisch naar beneden bijgesteld. Ik snap dat het creatief gezien leuk is om scenario's te maken over een mogelijke geopolitieke omstandigheden maar dit lijkt mij vooral koffiedik kijken. Het is inmiddels evident dat r van een klimaatcrisis geen sprake is. Het vasthouden van zoetwater en desnoods omzetten van zoutwater is niet meer dan een technische uitdaging. Adaptatie is de enige juiste richting. Het is van belang dat de mens weer op nummer 1 komt en daar opvolgende de natuur. Dat betekend de vele verwijderde dammen weer opbouwen om het water vast te houden en de bodem de tijd te geven in de bodem te dringen. 
Water is geen product wat verhandeld mag worden. Want water is noodzakelijk voor al het leven op aarde - dus niet alleen voor mensen. In plaats van waterbeheer is daarom waterbescherming nodig. Voor hen die geen stem hebben, zoals dieren en planten. Bescherming vraagt meer dan burgers korter laten douchen. Het vraagt lef om industrie verantwoordelijkheid te laten nemen voor de wereld van morgen.