0
0
0
s2smodern

Het legionellarisico bij industriële afvalwaterzuivering staat door twee recente incidenten nu duidelijk op de kaart. Tegelijkertijd is er nog veel onderzoek nodig naar goede technologische oplossingen, bleek bij een door Envaqua georganiseerde TechTalk op de Aquatech-beurs.

Het aantal geregistreerde patiënten met longsteking door legionella stijgt al jaren in Nederland; in 2018 waren het er welgeteld 584. De afgelopen jaren bleek in een aantal gevallen de besmetting afkomstig van een industriële afvalwaterzuiveringsinstallatie (iwzi). Aanleiding voor Envaqua, de vereniging voor milieu- en watertechnologiebedrijven, om een TechTalk over dit onderwerp te houden op de slotdag van de vakbeurs Aquatech in Amsterdam.

De sprekers waren Roy Tummers, directeur water bij VEMW (kenniscentrum en belangenbehartiger voor de zakelijke energie- en watergebruikers), Mark van Rijn, projectleider legionella bij awzi’s bij Omgevingsdienst NL en Kevin Kanters, directeur van legionella-adviesbureau Hydroscope. De rode draad door hun verhalen: de urgentie van het legionellaprobleem wordt breed gedeeld, maar er is ook nog veel onbekend.

Kennishiaten
“De VEMW-leden zitten echt in hun maag met het legionellarisico”, zegt Tummers. “Er geen sprake van onwil, maar er zijn nog grote kennishiaten. Onder meer over het ontstaan en de verspreiding van legionellabacteriën in aerosolen, de effecten van beheersmaatregelen en de beste detectiemethoden.” Hij pleit voor verdieping van het inzicht in de groei van legionella in een afvalwaterzuiveringsinstallatie en onderzoek naar kosteneffectieve maatregelen om het verspreidingsrisico te beheersen.

De maatschappelijke discussie is volgens Tummers op gang gekomen door incidenten in Boxtel (2017) en Son (2018). Hier werden meerdere mensen ernstig besmet door de verspreiding van de legionellabacterie vanuit een biologische afvalwaterzuiveringsinstallatie van een industrieel bedrijf. “Het ging in beide gevallen om een membraanbioreactor met een Annamox-stap, waarbij ammonium en nitriet worden omgezet in stikstofgas.”

Een onderzoek van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu volgde. Uit de in juni gepubliceerde resultaten blijkt dat de kans op legionellagroei en -verspreiding ‘aannemelijk tot zeer aannemelijk’ is bij 69 iwzi’s en ‘mogelijk’ bij 31 iwzi’s. Het probleem speelt vooral bij nutriëntenrijk afvalwater met een temperatuur tussen 30 en 38 graden. Ook beluchting is een erg belangrijke factor, merkt Tummers op. “Een biologische waterzuivering creëert zeer goede omstandigheden voor legionellagroei. Dit blijft niet beperkt tot enkele sectoren, maar is een industriebreed verschijnsel. Alle industriële bedrijven met een biologische zuiveringsinstallatie lopen risico.”

Doelvoorschrift
De omgevingsdiensten houden toezicht op het voorkomen van legionellabesmettingen bij bedrijven. Zij willen toe naar een doelvoorschrift in plaats van maatregelen voor te schrijven, vertelt Van Rijn. “Het gaat om de harde eis dat er geen legionella in de lucht en het effluent zit. Het is dan aan het bedrijf of misschien wel aan de branche om ervoor te zorgen dat dit kan. Deze benadering is een omslag in ons denken. Wij hebben ons gerealiseerd dat we als overheid op dit moment niet deskundig genoeg zijn om acute maatregelen op te leggen.”

De omgevingsdiensten geven het advies om de beluchtingstank af te dekken en ervoor te zorgen dat het effluent gezuiverd wordt op bacteriën. Van Rijn: “Het belangrijkste is dat het bedrijf al met legionella rekening houdt bij het ontwerp van de afvalwaterzuiveringsinstallatie.”

Drijvende afdekking
Verschillende industriële bedrijven zijn volgens Kanters bezig met het zoeken naar de meest geschikte afdekking. “Een aantal bedrijven is bijvoorbeeld met het idee van een drijvende afdekking gekomen. Wanneer het volledige bassin wordt afgedekt, is er veel minder aerosolvorming.” 
Helemaal geen legionella in de lucht zoals omgevingsdiensten willen, lijkt de Hydroscope-directeur geen haalbaar doel. “Ook de nieuwe technieken bieden hiervoor geen garantie. Ik ben daarom voorstander van een heel lage normwaarde.”

Kanters doet een uitnodiging aan de branche om te onderzoeken welke factoren bepalend zijn voor het bevorderen of juist belemmeren van legionellagroei. Hij noemt een voorbeeld van dat laatste. “Bij zuiveringen met hoge zoutconcentraties vindt minder legionellagroei plaats.”

Internationaal voortouw
Van Rijn stipt nog de situatie bij de rioolwaterzuiveringsinstallaties van de waterschappen aan. Bij twaalf rwzi’s is de kans op legionellagroei en -verspreiding zeer aannemelijk en bij 315 rwzi’s mogelijk. “De waterschappen zijn bezig met methaanvergisting om groene energie te produceren. Dat wordt pas erg voor de volksgezondheid als er belucht wordt. STOWA heeft dit onderwerp zeer voortvarend opgepakt.”

Aan het einde van de TechTalk krijgt Eric Scharstuhl de microfoon. De voorzitter van Aqua Europa (overkoepelende brancheorganisatie van watervakverenigingen) zegt dat binnen de EU de aandacht voor het legionellaprobleem bij afvalwaterzuiveringen nog gering is. “Ik wil ervoor pleiten dat Nederland internationaal het voortouw neemt. Ik denk dat hier heel belangrijke inzichten zijn ontstaan, waarmee Nederland vooroploopt.” 

 

MEER INFORMATIE
Resultaten van onderzoek RIVM
H2O-vakartikel legionellabesmetting en -preventie
CoP Legionella van STOWA

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.
  • This commment is unpublished.
    Frank Oesterholt · 9 months ago
    De titel van dit artikel is nietszeggend en had net zo goed kunnen luiden: 'bij alle watergedragen installaties is er een legionellarisico'. Legionella groeit nou eenmaal in een waterig milieu. Omdat risico het product is van kans en effect gaat het in werkelijkheid om de kans dat legionella kan groeien en het effect daarvan voor de omgeving.
    Het risico (als resultante) kan dan gewoon heel erg klein zijn en is dat in de meeste gevallen waarschijnlijk ook. De kans op vermeerdering van legionella in een watersysteem houdt verband met veel factoren waarvan de temperatuur de belangrijkste is. De cases in Boxtel en Son hebben geleerd dat hoge temperaturen (> 30 grC) van het afvalwater hoogstwaarschijnlijk een belangrijke rol hebben gespeeld.
    Het is ook al langer bekend dat Legionella pneumophila (als gevaarlijkste soort) vooral bij die temperaturen optimaal groeit. Bij effectieve afdekking en afzuiging van een bassin kan het effect naar de omgeving in feite naar nul worden gereduceerd en daarmee het risico! Het is onzinnig om dat op voorhand voor alle systemen te gaan eisen, want de kans op vermeerdering van Legionella pneumophila in biologische systemen met temperaturen < 30 grC zal ongetwijfeld een stuk kleiner zijn. Laten we dat eerst goed onderzoeken.
    Verder is het onbegrijpelijk dat de Omgevingsdiensten inzetten op een doelvoorschrift met een harde eis dat er geen legionella in de lucht en het effluent zit. Het is namelijk praktisch gezien gewoon niet haalbaar en het leidt tot hoge maatschappelijke kosten en de toevoeging van veel ongewenste desinfectiemiddelen van effluenten. Vergeet niet dat in de lucht en het effluent van een gemiddelde RWZI ook Legionella pneumophila wordt aangetroffen (in aanzienlijk lage concentraties als bij de zuivering in Boxtel). Hoe zou je in de zuivering Legionella moeten bestrijden? Moeten we al ons RWZI-effluent gaan chloren of met UV behandelen?
    Ik lees hier een typisch voorbeeld van een overheid die neigt tot een overreactie om in de toekomst elke aansprakelijkheid te kunnen weerleggen. Ondertussen wordt een groot deel van de industrie opgezadeld met het maken van hoge extra kosten voor het bestrijden van een relatief laag risico.
    Jan Pronk maakte ooit als Minister van VROM dezelfde fout bij de Tijdelijke Regeling Legionellapreventie die zo'n beetje voor alle collectieve leidingwatersystemen in Nederland het legionellarisico moest gaan indammen. Dat moest worden teruggedraaid (naar alleen de prioritaire instellingen) want de maatschappelijke kosten die dat veroorzaakte waren simpelweg te hoog.

Laatste reacties op onze artikelen

Ja, mooie terugblik op IJsselmeer als zoetwaterbuffer. Flexibel peilbesluit had daarnaast winst voor de natuur als doelstelling: Door periodiek dieper uitzakken in de nazomer zouden waterriet en oevervegaties verder kunnen uitgroeien, waardoor semi-natuurlijke dynamiek de oeverecologie ten goede zou komen. Ik ben benieuwd, @Rijkswaterstaat, hoe dat ervoor staat. Wordt dat ook geëvalueerd?
I.p.v. verbieden simpele oplossingen stimuleren. Hier een suggestie.
Bij 2 toiletten in huis gebruik er 1 voor de kleine boodschap en spoel deze pas voor het slapen gaan door en niet na elke plas.
Buitengewoon innemende man. Ik heb hem meegemaakt gedurende de twee jaar dat ik werkte bij het Hoogheemraadschap van Rijnland. Een memorabel bestuurder.
Ook de Algemene #Waterschapspartij vindt dat de 'Geborgde Belangen' fors zijn over-vertegenwoordigd in de waterschapswereld. Met als schrijnend gevolg dat de Unie wél oog heeft voor de 'boerenweeffout' maar niet voor de 'huizenweeffout'. Maar huizen betalen landelijk ruim 40% van de watersysteemheffing, dat is 4x !! meer dan de groepsbijdrage van de boeren. En ook huurders moeten indirect meebetalen, omdat de watersysteemheffing op woningen door de verhuurder wordt betaald (en dus in de huur wordt doorberekend). De AWP wil juist een eerlijker verdeling van de waterschapslasten.
Ook wil de Unie niet kijken naar de grondslag voor de zuiveringshefing (vast bedrag per huishouden of gebaseerd op het aantal bewoners per huis). Terwijl het een grote ergernis is van 2-persoonshuishoudens om verplicht voor drie personen te moeten betalen. Met de huidige digitale technieken moet het toch een 'fluitje van een cent' zijn om per huis de zuiveringsheffing te baseren op het aantal bewoners?
Lees ook hier: https://www.h2owaternetwerk.nl/h2o-podium/opinie/aanpassing-waterschapsbelasting-pijnpunten-van-burgers-worden-doorgeschoven-naar-toekomst
Wij zijn van het begin af aan grote voorstander voor het wijzigingen van de belastingen in een bredere scope. De Unie van waterschappen blijft echter vanuit de ivoren toren dansen naar de pijpen van de geborgde zetels en hebben geen oog voor de ingezetenen (inwoners) die als de spreekwoordelijke melkkoe worden misbruikt.
Wij pleiten voor een passend en eerlijk belastingstelsel waarin de inwoners niet meer maar minder gaan betalen door o.a. de VE-differentiatie passender te maken op de gezinssamenstelling. Ook de TBO's (grondeigenaren) mogen wat ons betreft ook aanzienlijk meer gaan betalen (nu betalen ze een schijntje), heel veel maatregelen en werk van de Waterschappen komt ten goede aan hun eigendom.
De sleutel licht bij de UvW, willen die alleen maar naar de geborgde zetels blijven luisteren of ook naar de vertegenwoordigers van de inwoners. Willen ze niet luisteren, dan moeten ze maar voelen en wij zullen niet schromen om desnoods via de Tweede Kamer een onvoldoende plan te laten te verwerpen.
We hebben nu de kans als waterschappen, doe het dan goed! en luister naar ALLE partijen.
Chris Spooren
Voormalig Waterschap bestuurder (AB) waterschap De Dommel.
Statenlid provincie Noord Brabant.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.