Om de droogte in de Achterhoek effectief te kunnen bestrijden, gaan de provincie Gelderland, Waterschap Rijn en IJssel, drinkwaterbedrijf Vitens, tien gemeenten en nog een aantal partijen intensief samenwerken. Ze willen hun kennis delen en doorpakken met mogelijk ‘onorthodoxe maatregelen’.

In het programmaplan ‘Doen, delen, doordénken en doorpakken’ beschrijven ze de problematiek en de eerste stappen die nodig zijn om oplossingen te vinden. Het plan is inmiddels door de provincie, het waterschap en de meeste gemeenten vastgesteld zegt woordvoerder Petra Augustijn van Rijn en IJssel. Ook drinkwaterbedrijf Vitens, LTO Noord, diverse natuurorganisaties en de 8RHK-ambassadeurs doen mee. Nu moet het concreet uitgewerkt worden.

De droge en warme zomers van de afgelopen jaren hebben ernstige consequenties voor de Achterhoek, aldus de initiatiefnemers. De grond bestaat overwegend uit zand, veel grond is verdicht en het landschap is hellend en in grote mate ontwaterd. Daardoor stroomt neerslag sneller weg of verdampt het in plaats van dat het door de bodem wordt opgenomen. Ook nu nog is het volgens het waterschap, ondanks de regen in oktober, ‘zeer droog’.

Trendbreuk
Inmiddels is volgens de bestuurders ook duidelijk dat de droogte zich niet zomaar laat oplossen door extra wateraanvoer, door waterwinningen te stoppen of door bestaande landbouw naar kringlooplandbouw om te vormen.

"De noodzaak om ervoor te zorgen dat de Achterhoek is aangepast op de gevolgen van het veranderend klimaat dwingt ons tot keuzes, een trendbreuk met het verleden, en het vinden van alternatieve antwoorden. Geen eenvoudige opgave, maar we gaan er wel mee aan de slag."

Dat doen ze door een langetermijnvisie te ontwikkelen, gericht op 2050, en door te experimenteren en daarvan te leren.

Etalage
In het programmaplan worden verschillende reeds in gang gezette initiatieven genoemd waar de beoogde integrale aanpak al zichtbaar wordt. Zo gaan Vitens, provincie en waterschap in ‘t Klooster samen met belanghebbenden aan de slag om tot een goede inpassing van de drinkwaterwinning te komen.

In de Landgoederenzone Baakse Beek wordt samen met landgoedeigenaren en boeren gezocht naar een klimaatbestendige inrichting in combinatie met betere verdienmodellen. In Nationaal Landschap Winterswijk worden maatregelen tegen droogte gekoppeld aan de aanpak van de stikstofproblematiek.

Een digitale ‘etalage’, mogelijk in combinatie met een krant of bulletin, sociale media en manifestaties, moet inwoners, bedrijven en organisaties in de Achterhoek op de hoogte houden van en betrekken bij wat in hun omgeving gaat gebeuren.

Hogere peilen
Om beter toegerust te zijn op een mogelijke vierde droge zomer volgend jaar, worden nu alvast maatregelen genomen. Zo zet Rijn en IJssel in het winterseizoen op grote schaal het peil op in de door het waterschap beheerde watergangen om water maximaal vast te houden. Tijdelijk worden hogere peilen ingesteld dan tot nu toe gebruikelijk en waar nodig worden aanvullende maatregelen genomen als het ophogen van stuwen.

 

MEER INFORMATIE
Nieuwsbericht Rijn en IJssel + link naar programmaplan

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Het kan soms even duren voor je reactie online komt. We controleren ze namelijk eerst even.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

@Hans Middendorp AWPHans, het water van kleinere buien wordt dan ook vast gehouden. Ik vind dit een mooie ingreep, die meteen ook mogelijkheden biedt om de kleine waterkringloop te herstellen. Mits dat er naast de slootjes meerjarig oogstbaar/eetbaar groen wordt geplaatst, dat helpt dan weer met verdamping waardoor de temperatuur daalt juist door de verdamping. De regentrigger bij herstel van de kleine waterkringloop, waardoor die buien zich niet meer samenpakken maar gelijkmatig verdeelt uitregenen ook achter de veluwe op de hoge zandgronden. Oogstbaar is b.v. voederbomen als veevoer.
Mooie studie en uitkomsten die goed passen met wat je zou verwachten. Maar... er is gerekend met hoosbuien van 60 mm in één uur. Dan snap ik dat afstroming over het oppervlak plaats vindt. Maar negentig procent van de buien is minder dan 10 of 20 mm en dan is er gewoon inzijging van hemelwater in de bodem en helemaal geen oppervlakkige afstroming. Hoosbuien komen weliswaar steeds vaker voor, maar zijn toch vooral zeer plaatselijk. Het kan dus jaren duren voor een bepaald perceel door een hoosbui wordt getroffen. Toch?
Bedankt voor deze aanvullende opinie op ons artikel. Wij hebben als auteurs vanuit TAUW en HDSR uw opinie met interesse gelezen en willen graag een reactie geven.
De aanleiding van het onderzoek waren klachten die HDSR ontving van omwonenden over overstortlocaties. Naast een feitelijke weergave van de situatie van de watergang en de ecologische toestand, was de beleefwaarde van omwonenden een belangrijke component in het onderzoek. We hebben er voor gekozen het onderzoek en artikel verder neutraal te houden en onze mening als onderzoekers en initiator van het onderzoek buiten beschouwing te laten.
Natuurlijk zijn wij het met u eens dat doekjes en vuil in het water onwenselijk zijn. In het uitgebreidere online artikel gaan we wel in op de nodige verbeterpunten om effecten die nu buiten het onderzoek zijn gevallen, beter in beeld te krijgen. Daaronder benoemen wij ook een manier om de hoeveelheid doekjes en vuil in het water beter te monitoren.
Uw grootste zorg over dat we geen heftige zomerse onweersbui in het onderzoek meenemen, erkennen wij. De zomer van 2021 was niet extreem warm, waardoor de zuurstofloosheid na een overstort niet direct heeft geleid tot vissterfte. Hierdoor lijkt het alsof het effect beperkt is. Maar we zien wel dat overstorten gedurende de zomer tot zuurstofarme condities leiden. Dit is ecologisch gezien zeer onwenselijk.
Dat dit niet direct naar voren komt in de titel, is een keuze. Daarin is de aanleiding van het onderzoek als uitgangspunt genomen, wat heeft geleid tot een onverwacht inzicht: namelijk dat omwonenden van de onderzochte locaties over het algemeen beperkt hinder ondervinden van overstorten. Dit betekent dus niet dat er geen effect is.
Dag Cees,
In dit vakartikel staan een aantal fouten. Er wordt bij het voorbeeld aangegeven dat de berekeningen zijn voor het pompstation Terwisscha (provincie Groningen)! Prov. Groningen zal wel kloppen, maar dus niet Terwisscha, maar een winning van 6,5 mln m3 per jaar en met een complexe ondergrond t.a.v. de hydraulische weerstand afdekkend pakket zoals wordt weergegeven in figuur 2 (artikel). Ook in figuur 2 staat in de tekst dat deze geldt voor de Verlagingslijnen stijhoogte(!!) en GHG, maar het onderschrift bij figuur 2 geeft aan de zomersituatie!!!
Mijn grijze haren gaan recht overeind staan bij deze hydrologische fouten. Of heb ik het mis? Terecht geeft Willem Zaadnoordijk aan dat over dit onderwerp veel discussie in het verleden is geweest, maar ik zie nu wel een aanpak met behulp van een numerieke rekenmethode! Wat ik wel mis in het vakartikel is bijv. het effect van de bodemkaart, de grondwateraanvulling (zomer/winter) en de veranderende elastische berging in de ondergrond in droge of natte weerjaren, maar dat zal allemaal wel via de relatie uit figuur 1 in de berekeningen zijn meegenomen.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!